Nieuwjaarswens van Johan voor alle leden en sympathisanten van Capriool

 

Geniet, dans, schitter, straal.
Kies er niet eentje,
maar doe het dit jaar allemaal!

Evolutie van de dans

A. Van de prehistorie tot de middeleeuwen:

Dansen met een doel

‘Mensen dansten vanaf het moment dat ze op aarde verschenen en om de meest uiteenlopende redenen.’ (Barbier & Westra, 1997).

 

Dansen met een doel 

Dansen is iets was al heel lang bestaat. Al in de prehistorie vinden we aanwijzingen van het bestaan van dansen.

 

 

Uit de oudheid zijn de grottekeningen en muurschilderingen (fresco’s), beschilderde vazen en gebruiksvoorwerpen het levende bewijs dat mensen in die periode reeds dansten. In de primitieve beschavingen waar de mens de wereld probeert te begrijpen door rite en magie is dans de magische, sacrale handeling. Dans dient als functioneel middel om de goden gunstig te stemmen o.a. voor een goede jacht. Naargelang het doel worden specifieke bewegingen uitgebeeld in combinatie met verschillende attributen, maskers en kostuums naar aanleiding van de jacht, de oorlog, vruchtbaarheid, dood… Eén stamgenoot (medicijnman of sjamaan) krijgt de opdracht de dansen uit te voeren en krijgt hierbij het statuut van de danstovenaar. Hier ligt reeds de kiem voor beroepsdans en dans als spektakel. Met de vruchtbaarheidsdansen had men goede oogsten tot doel of wou men een negatief lot keren. Sommige van die vruchtbaarheidsdansen werden tot ver in de middeleeuwen nog gedanst, zoals bijvoorbeeld de zwaarddans die gedanst werd tijdens het ritueel van de meiboom.
De Afrikaanse dansen kunnen verder nog het best vergeleken worden met de oude dansen zoals die vanuit de prehistorie werden gedanst.
Over het algemeen werd er alleen of in een groep gedanst en/of rond een object.

 

Dansen voor vermaak

 

Ten tijde van de oude Grieken en Romeinen werd dans uiteindelijk ook een vorm van vermaak, al was er in veel gevallen ook wel een religieuze aanleiding voor de dansen. De oude Grieken gingen er van uit dat dansen door de Goden was ontdekt en daarom waren de eerste Griekse dansen van religieuze aard. In de Griekse mythologie wordt de oorsprong van de dans toegewezen aan Rea.

De oudste Griekse historische gegevens komen uit Kreta waar de Minoïsche beschaving (3000-1400 v.Chr.) muziek maakte, zong en danste zowel voor vermaak als om religieuze ceremonies.

Rond 1500 v.Chr. werd Kreta bezet door strijders uit Griekenland die deze gebruiken naar Griekenland meenamen.

De Kretenzische en later de Griekse dansen werden uitgevoerd in open of gesloten cirkels, waarbij er meestal rond een boom, altaar of een mythisch object werd gedanst in de hoop zich op deze wijze te ontdoen van het kwaad.

In feite is hier de basis gelegd voor de koorddansen of de reidansen.

Later ging men dansen rond de zanger of de muzikant.

In het oude Sparta danste men voornamelijk krijgsdansen, maar de ritmische bewegingen werden ook gebruikt tijdens het gevecht.

Dansen als educatie

 

Het beheersen van de danskunst werd samen met schrijven, muziek maken en sporten een basis voor een educatiesysteem. De Grieken dansen vanaf de oudheid vredesdansen, te onderscheiden in culturele dansen, religieuze dansen, rouwdansen e.d. maar ook dansen tijdens oorlogs- en krijgsverrichtingen. Daarnaast brengen zij ook dans tijdens toneelvoorstellingen ten behoeve van een publiek. Het koor (chorus) van de eerste Griekse tragedies begint te dansen en te zingen om datgene uit te drukken wat niet meer in woorden of gebaren was over te brengen (Garaudy, 1973). De eerste stap naar dans als podiumkunst wordt hier gezet. Iedere theatervoorstelling had zijn eigen karakteristieke dansen, sommige saai en plechtig, andere dansen waren wellustig.

 

 

Dansen als export

De handelszin van de Grieken zorgde er ook voor dat de dansen werden verspreid over meerdere landen.
Rond 550 v.Chr. beheersten de Grieken Zuid-Spanje.
Griekse kunstwerken tonen dansers met arm- en lichaamshoudingen die veel lijken op die van Spaanse dansers van tegenwoordig, met castagnettenachtige instrumenten, en handklappen ter begeleiding van de dans.
Veel Spaanse volksdansen kunnen tot de Grieken herleid worden.

 

De Romeinse periode

Door de uitbreiding van het Romeinse rijk kwamen de Romeinen in contact met de Grieken. Eerst met de Griekse stadstaten in Italië zelf en later met het Griekse vaste land.
De contacten met de Grieken, waar destijds Alexander de Grote de scepter zwaaide, verliep vreedzaam.
De Romeinen vonden dat de Griekse of Hellenistische cultuur superieur was aan hun eigen Romeinse cultuur en namen de gebruiken over.
Na de dood van Alexander de Grote in 323 v.Chr. viel zijn wereldrijk geleidelijk aan uiteen in steeds meer en steeds kleinere koninkrijkjes, die één voor één in handen kwamen van de Romeinen, die om culturele redenen echter steeds een goede verstandhouding met de Grieken nastreefden.
Rond 364 v.Chr. kwamen entertainers vanuit Griekenland naar Rome en inspireerden met hun “spel en dans” de Romeinse bevolking. Bij de Romeinen wordt dans als onderdeel gezien van de opleiding van de soldaten om spieren te ontwikkelen en het lichaam in conditie te houden. Dans krijgt hier een pragmatisch aspect. Rond 240 v.Chr. werd het dansen met castagnetten populair in Rome. De expansiedrift van de Romeinen bracht hen ook in contact met dansen uit de Arabische landen. Zo kwamen rond 60 v.Chr. dansers uit Syrië naar Rome.

Christendom en dansen

De val van het Romeinse rijk liep ook parallel met de opkomst van het christendom. Het christendom in de vroege Middeleeuwen heeft een grote invloed op dans. Zij stellen een dualisme tussen lichaam en geest, waarbij het lichaam wordt misprezen (Garaudy, 1973). Dans wordt beschouwd als uitermate zondig en slecht. Vanaf de 4e eeuw wordt dans en toneel veroordeeld in tegenstelling tot de wil van het volk.
Terwijl dansen bij begrafenissen en op kerkhoven  in het vroege christendom een normaal verschijnsel was, keurde Augustinus al in de vijfde eeuw in een preek de dans af. In 743 werd door het Concilium Germanicum de reidans verboden, die in de ogen van de kerk een heidensrituele oorsprong had.
In 745 werden door paus Zacharias alle religieuze dansen zonder meer verboden. Andere rituele dansen die verboden waren: vuur-, zwaard-, begrafenis-, vruchtbaarheidsdansen enz. De redenen van die verboden hadden te maken met ‘de duivelse verleidingen van de dans’.
Maar veel hielpen de verboden echter niet…Dit kwam mede doordat de opvattingen van de lagere geestelijkheid dikwijls meer aansloten bij die van het aan hen toevertrouwde volk dan bij die van de over hen gestelde kerkelijke autoriteiten.

 

Bronnen :

https://www.hobby4fun.eu/divdans.html

http://www.dansendansen.be/ckfinder/userfiles/files/Dansgeschiedenis.pdf

 

wordt vervolgd…

Capriool feest

We vieren op zaterdag 23 oktober 2021 ons 30-jarig bestaan!

A.h.v. een fotoreportage willen we per 10 jaar een overzicht geven van de belangrijkste activiteiten…In dit Capriooltje deel B van 2002 tot 2011.

Verontschuldiging voor mindere scherpte van foto’s.

2002 In ’t Gravensteen

2003 Keizer Karel en Sultan Süleyman

2004 Monasterium Sint-Elisabethbegijnhof

2005 Gentse feesten

2006 Beervelde en Lakenhalle Gent

2006 Viering 15 jaar Capriool

2007 Luister aan de Italiaanse hoven

2008 Praalstoet t.g.v. 200 jaar Floraliën

2009 Sint-Baafsplein Beiaardconcert

2009 Plantentuin RUG

2010 Lier Beiaardconcert

2011 Antwerpen

2011 Viering 20 jaar Capriool op vier locaties : Augustijnenklooster – Open Huis Krekelberg – Gentse    stadhuis – Pand

Geschiedenis over Kerst en Nieuwjaar

Het kerstdiner

Het is Kerst: tijd voor overvloedige kerstdiners met familie en vrienden. Deze diners horen tegenwoordig net zo bij het kerstfeest als het kindje Jezus, de kerstman en de kerstboom. De traditie om met kerst grote maaltijden op te dienen bestaat echter nog niet zo heel lang. Pas in het begin van de 20e eeuw werden de uitgebreide kerstdiners, onder Britse invloed, gebruikelijk in Nederland.

 

Van de Britse invloeden op het Nederlandse kerstdiner stammen de oudste al uit het einde van de 16e eeuw. Tijdens de regeerperiode van koningin Elizabeth I (1533-1603) werd het steeds gebruikelijker voor de hogere klassen om grote, uitgebreide kerstdiners te geven. Zij die het zich konden veroorloven hielden in deze tijd grote kerstbanketten waarbij allerlei familie, vrienden en andere relaties werden uitgenodigd.

De gasten kregen verschillende gangen voorgeschoteld, waarbij vooral opvallend was dat er veel zoete dingen gegeten werden. Suiker was in die tijd namelijk een duur product en veel mensen dachten dat het zoete goedje ook medicinale eigenschappen had. Het hoogtepunt van het kerstdiner was in die tijd een groot stuk marsepein, dat uitbundig versierd werd met andere suikerfiguren, vruchten en noten.

Deze zoete dingen verdwenen in de eeuwen daarna wat meer naar de achtergrond en kwamen alleen nog maar bij het dessert terug. In de Victoriaanse tijd (1837-1901) begon het kerstdiner meer te lijken op de diners zoals we die nu kennen. Een groot vleesgerecht, zoals rosbief of gans, werd het middelpunt van het diner, dat verder werd aangevuld met allerlei groenten en aardappelgerechtjes als bijgerechten. Aan het einde van de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw werd hier ook de kalkoen aan toegevoegd. Dit dier was in eerste instantie slechts voorbehouden aan de hogere klassen omdat een kalkoen vrij duur was, maar eind 19e eeuw werd het dier ook voor de ‘gewone man’ betaalbaar. Daarnaast was een kalkoen vanwege zijn afmeting zeer geschikt als hoofdgerecht voor het gemiddelde Engelse gezin.

Oudejaarsavond en Nieuwjaar

 

De oorsprong

In het midden van de 16de eeuw begon Nieuwjaar in verschillende streken op een andere datum. In 1563 besliste de Franse koning Karel IX dat 1 januari voortaan nieuwjaarsdag zou zijn. Op 16 juni 1575 nam Luis de Requesens y Zúñiga dezelfde beslissing voor de Zuidelijke Nederlanden. Na de invoering van de gregoriaanse kalender in 1582 haalde 1 januari het als nieuwjaarsdag in steeds meer landen in Europa en daarna de wereld (met vandaag nog steeds als grote uitzondering o.a. het Chinese Nieuwjaar). Oorspronkelijk werd in sommige streken acht dagen na Kerstmis de besnijdenis van Christus herdacht, maar hieraan wordt al lange tijd geen aandacht meer geschonken. Nieuwjaar is dus geen uitsluitend christelijk feest, want alle levensbeschouwingen vieren namelijk de overgang van oud naar nieuw.

 

Oudejaarsavond

Het vieren van de overgang van oud naar nieuw vangt aan op oudejaarsavond. Sommigen spreken van Silvesteravond, naar de gelijknamige paus uit de vierde eeuw. De heilig verklaarde paus wordt door katholieken immers op 31 december gevierd, wat tevens ook zijn sterfdag is. Op oudejaarsavond komen families en vrienden vaak bijeen voor een uitgebreide feestmaaltijd. In tegenstelling tot op kerstavond kiezen heel wat mensen ervoor om uit eten te gaan in één van de vele restaurants die een oudejaarsmenu aanbieden. Oudejaarsavond is dan ook minder een familieaangelegenheid en wordt niet uitsluitend thuis gevierd. Veel mensen trekken rond middernacht naar het centrum van de stad om het vuurwerk te bewonderen. Sommigen gaan daarna nog uit en dansen tot in de vroege uurtjes.

Aftellen en champagne!

Wanneer het bijna middernacht is, wordt luidkeels afgeteld naar het nieuwe jaar. Hierbij wordt in de meeste gevallen geklonken met champagne, die wordt gezien als een gelukswijn. Champagne zoals we die nu kennen, als een schuimende wijn, werd pas vanaf het begin van de 18de eeuw op regelmatige basis gemaakt. De laatste jaren zijn de Spaanse en Italiaanse varianten (cava en prosecco) aan een opmars bezig. Over waarom mensen klinken met glazen bestaan verschillende theorieën. Volgens sommigen klinken we omdat dat de boze geesten zou verjagen. Anderen beweren dan weer dat de gewoonte een voorzorgsmaatregel uit de middeleeuwen is. Om er zeker van te zijn dat de aangeboden drank geen gif bevatte, tikte men de bekers vrij hard tegen elkaar. Daardoor spatte de wijn op en vermengden de dranken zich met elkaar. Als één van de partijen daarna niet dronk, wekte dat argwaan op. Vandaag de dag is het klinken van de glazen eerder een teken van genegenheid en goede wil dan van veiligheid en argwaan. Na het klinken zeggen de feestvierders ‘gelukkig Nieuwjaar’ en geven ze elkaar een aantal kussen. Dat zijn er doorgaans drie, al worden er in sommige streken van ons land ook vier kussen gegeven om het nieuwe jaar in te zetten.

Nieuwjaarsdag

Ook op nieuwjaarsdag zelf komen families en vrienden vaak bijeen om aan elkaar gelukwensen over te brengen en om goede voornemens aan elkaar kenbaar te maken. Soms worden er zelfs geschenken uitgedeeld. Velen stellen dit familiefeest echter enkele dagen uit omdat er de avond ervoor doorgaans te lang wordt gefeest.

Bronnen :

https://isgeschiedenis.nl/nieuws/geschiedenis-van-het-kerstdiner

https://www.lecavzw.be/tradities/rituelen/oudejaarsavond-en-nieuwjaar

 

Opmerking : Deze kerstdagen van 2020 en de overgangsperiode naar 2021 verliepen in mineur in kleine “bubbels” wegens de Coronapandemie, maar toch knus en gezellig!

Activiteiten

 

Voorlopige kalender 2021 met eventuele aanpassing wegens Coronamaatregelen…

 

  • Vrijdag 16 februari: Viering 50 jaar Cultuurplatform Zwijnaarde in de Nieuwe Melac
  • Zaterdag 27 maart : Project Annick Baillieul met de dans-“Ruh” en Capriool  “Oost West Danst Best” in Coyendanspark. We wachten nog op de definitieve goedkeuring van de Stad Gent voor dit project.
  • Zaterdag 5 juni:  Cultuurplatform Wondelgem
  • Woensdag 21 juli: Gentse Feesten in het Stadhuis en twee initiatielessen tijdens de Gentse feestweek
  • Oktober: Viering Samana Sint-Laureins
  • Zaterdag 23 oktober: Viering 30 jaar Capriool

 

Volgende editie ’t Capriooltje begin april 2021